REVIEWHiFi Rose

Review HiFi Rose RA280 geïntegreerde versterker: Gallium Nitride doet zijn werk!

René van Es | 24 januari 2024 | HiFi Rose

SAMENVATTING

Wie nog altijd een vooroordeel heeft bij klasse D versterkers, krijgt steeds minder argumenten om dat vooroordeel in stand te houden. Zeker als fabrikanten als HiFi Rose gaan zoeken naar een oplossing voor bijvoorbeeld de dead time van schakelende transistoren. De soepele werking, de goed instelbare volumeregeling, de handige afstandsbediening en de energiezuinige opzet maken de HiFi Rose RA280 plezierig om mee te werken en veel te gebruiken.

PLUSPUNTEN

  • Zeer fijne klank
  • Uitermate goed stereobeeld
  • Krachtige versterker met veel vermogen
  • GaN FET gebruik voor minimale dead time
  • Prettig in gebruik
  • Energiezuinig
  • Grappige VU meters
  • Goed afgewerkt
  • Wordt nauwelijks warm

MINPUNTEN

  • Luidsprekers met meer dan 12 Ohm nominale impedantie liever vermijden
  • Geen hoofdtelefoonaansluiting
  • Toonregeling regelt te krachtig
  • Verlichting meters en regelaars kan niet 100 procent worden gedimd

De kerstdagen van 2023 liggen inmiddels alweer een tijdje achter ons. "De herinnering blijft", zo vertelt een bekend lied uit het Nederlandstalig repertoire ons. Voor mij gaat dat nu op voor de aanwezigheid in huis van een HiFi Rose versterker. De RA280 om precies te zijn, zó nieuw op dat moment dat ik van de importeur nog geen plaatjes op social media mag zetten. Al heb je 'm wellicht al gespot bij de Audio Show iEar'

Het is in deze periode voor mij rustig met schrijven. Fijn, dat geeft alle tijd om met de RA280 te spelen. Ingezet voor serieus luisteren tot aan kerstmuziek op de achtergrond. Veel langer dan normaal kon ik van de versterker genieten voordat het beluisterde resultaat aan het papier werd toevertrouwd. Inmiddels zijn alle sporen van de kerst verdwenen en zijn de extra kilo’s er weer af. De plicht roept en de HiFi Rose RA280 wacht op zijn finale uitslag.

HiFi Rose RA280 

Wie de verwachting heeft dat een klasse D versterker een lichtgewicht moet zijn, komt van een koude kermis thuis met de RA280. Bijna 10 kilo aan elektronica en aluminium plaatwerk haal ik uit de doos. Het uiterlijk is opvallend te noemen, uitgevoerd in zilverkleur (zwart is ook verkrijgbaar) toont het voorfront een typische voorzijde zoals we dat inmiddels van HiFi Rose gewend zijn.

Van links naar rechts vinden we een bronkeuze schakelaar voor drie lijningangen, een MM phono ingang en een gebalanceerde ingang. Daarnaast twee verlichte, analoge draaispoel VU-meters. Met een schakelaar is de verlichting van de meters en van alle andere indicatoren te dempen, maar niet uit te zetten. Vervolgens treffen we een echte toonregeling aan voor bass en treble, voor de purist is er een bypass schakelaar.

Ten slotte aan de rechterzijde een grote volumeregelaar en de aan-uittoets. Met een afstandsbediening is het volume regelbaar, is er een mute en aan/uit. Geen bronkeuze. Aan de achterzijde fraaie luidsprekerklemmen voor spade of banaan, degelijke ingangen, triggers en een mono subwoofer uitgang. Wie bovenop de versterker kijkt ziet links en rechts koelribben, netjes verwerkt in het chassis. Je kunt de RA280 wel of niet mooi vinden, de afwerking is heel fraai en het geheel oogt en voelt degelijk.

De HiFi Rose RA280 is een klasse D versterker, een analoog schakelende versterker met gallium nitride FET eindtransistoren. De Next-Generation GaN FET zoals HiFi Rose het noemt. HiFi Rose ziet met de GaN FET kans de schakeltijd terug te brengen in de eindtrap. Simpel uitgelegd: de eindtransistoren schakelen aan en uit, één voor plus, één voor min. Er zit altijd een heel korte tijd tussen uit van de ene transistor en aan van de andere transistor. Anders gaat de boel kapot. Er ontstaat een dood moment, beide transistoren zijn dan uit. Daarnaast is er een natuurlijke vertraging in elektronica om van 0 naar 100 procent te gaan.

HiFi Rose claimt met het gebruik van de ultra snel schakelende GaN FET’s die dode tijd tot 1/10 te hebben gereduceerd en het stijgen van 0 naar 100 te hebben verkort en lineairder te laten verlopen. Dat schakelen, stijgen en het “dode moment” zijn mede verantwoordelijk voor het hoorbare eindresultaat. Wat klasse D met zich brengt is een geringe stroomafname vanwege het hoge rendement. In stand-by kon ik het verbruik niet eens meten, minder dan 0,1 Watt, eenmaal aangezet is de stroomafname is rust beperkt tot 35 Watt. Een mooie groene waarde. Een beetje vervelend vind ik dat de versterker zichzelf uitschakelt als er gedurende een vaste tijd geen signaal aan de ingang is. Het moet van de EU, ik ervaar het als irritant.

Vermogen komt er genoeg uit de RA280, aan 4 Ohm en aan 8 Ohm hebben we het over 2 x 250 Watt. Dat haalt de versterker al bij 600mV aan de XLR ingang of 300mV aan een RCA. De ingangsimpedantie is met 47kOhm hoog genoeg om alles aan de ingang toe te laten, ook spelers met een buizenuitgang die rond de 2kOhm zit.

Zoals heel vaak met klasse D zijn de vervormingscijfers heel erg laag en is de dempingsfactor hoog met een waarde groter dan 250. Dat de toonregeling bij 100Hz en 10kHz plus en min 15 dB regelbaar is, is mij te veel van het goede en levert bij extreem gebruik gevaar op voor de aangesloten luidsprekers. Gebruik ze met mate, het is aan de andere kant wel fijn dat er een toonregeling is. Een streepje meer of minder kan een slechte opname toch leuk klinkend maken. Al met al hebben we te maken met een fraai afgewerkte versterker met ruime mogelijkheden en een flinke hoeveelheid power. Verpakt in een kast die 430 x 355 x 103mm meet. De prijs voor de RA280 is op het moment van schrijven 3.199 euro.

In gebruik

Aangesloten op de XLR ingang zit een Metrum Pavane D/A converter met daarachter een Auralic Aries G2.1 streamer. Gebruikte luidsprekers zijn ATC SCM20 P passieve monitoren op open frame stands. Aangevuld met Townshend Maximum Supertweeters. Interlink aan de ingang is een Inakustik NF-2404 AIR, luidsprekerkabel aan de uitgang is Crystal Cable Speak Reference. Een netsnoer van Crystal Cable vormt de verbinding tussen de RA280 en een AudioQuest Niagara 5000 netstroom filter. Muziekbron is een Melco opslag en Roon streaming NUC en software.

Tijd om te gaan schrijven

Christoph Graupner heeft ooit de “Intégrale des sonates pour violon et clavecin” gecomponeerd en nagelaten aan de dames Dumas, Keesmaat en Koester, die op viool, cello en klavecimbel de werken uitvoeren. Zeer fijne, rustige klassieke werken die door de HiFi Rose met alle tederheid worden weergeven die men mag verwachten. De zeer goed vastgelegde informatie van de akoestiek en de opstelling van de drie dames presenteert zich in alle glorie, waarbij de afstand tussen viool en klavecimbel haast met een meetlat kan worden nagemeten.

Op de vastgelegde klank is evenmin iets aan te merken, zodat volop kan worden genoten van het spel van de dames. Voor zover bron, versterker en luidsprekers dat toelaten is de klank uitermate goed getroffen van de drie instrumenten, die soms op het randje lopen van de tonale balans. Immers een viool kan oren strelen maar net zo gemakkelijk uithalen. Het spel is ingetogen, tegelijk dynamisch en rijk aan details in een opmerkelijke zuiverheid, zonder het muzikale gevoel los te laten. Bij alle werken die zijn vastgelegd in de highres download staat muziek voorop en is techniek slechts het benodigde hulpmiddel.

Van klassiek naar de jazz van Tom van der Zaal, saxofonist op zijn eigen album “Sketchbook of Dreams”. Zijn muziek is een heel stuk drukker dan van de net genoemde dames, maar dat maakt voor de RA280 niets uit. Met hetzelfde gemak wordt een stereobeeld neergezet waarin een podium wordt herschapen. Volledig losgemaakt van de ATC luidsprekers wordt op een afstand van luttele meters de stage opgebouwd. Saxofoon als centraal punt voorop gezet, daarachter in het midden slagwerk, omgeven door overige instrumenten. Het lijkt de RA280 allemaal moeiteloos af te gaan om alles wat wordt aangevoerd zonder een krimp weer te geven. Het gehele plaatje klopt keer op keer. Waar de opname een hoogte afbeelding kent, komt die tevoorschijn. Breed en diep zijn waarden waar niet naar hoeft te worden gezocht. Finesses in de opname worden met het grootste gemak tentoongespreid.

Allemaal op een niet al te gemakkelijk aan te sturen ATC SCM20P luidspreker waar onlangs een heel fijne versterker totaal op vastliep. Dat de RA280 zoveel reserve in vermogen heeft vindt ATC alleen maar prettig. De monitoren blijven strak in de lage tonen, komen niets te kort aan warmte om de klank aangenaam doch natuurlijk te houden, ze lopen alleen niet zo ver door naar onder in hun gesloten behuizing. Waarvoor een subwoofer als een ATC C1 Mk II een prima oplossing is. Op de RA280 is daarvoor een speciale subwoofer aansluiting beschikbaar.

Totaal anders

Van de hak op de tak springend kom ik uit bij “And winter came” van Enya. Nu eens geen highres, gewoon een geripte cd spelend vanaf mijn eigen opslag. Haalde ik net de lage tonen aan, bij Enya is de klankbalans anders dan bij Van der Zaal, zodat hier het laag vetter aanwezig is. Op de lage tonen draagt de zang van Enya in combinatie met anders stemmen welke zijn meegenomen in de mix. In het tedere begin van “One toy soldier” zijn kleine percussie instrumentjes in het stereobeeld te positioneren. Enya weer naar voren, een koor achter haar samen met het instrumentale deel. Door het volume nog wat op te voeren komen de ATC luidsprekers nog verder tot leven. Niet dat de klank anders wordt als de RA280 harder moet werken, Enya en haar begeleiders worden alleen dichterbij gehaald alsof je er naar toe bent gelopen. Waarbij opnieuw het stereobeeld een voorbeeld mag zijn voor anderen. Daarmee heeft HiFi Rose een referentie neergezet met deze versterker.

Dat de gehele keten meewerkt om een holografische weergave te realiseren is buiten kijf, helaas kan één component dat alles verstoren en maar al te vaak is het de versterker. Je zou haast vergeten dat muziekweergave vele aspecten heeft, natuurlijkheid, vrijheid van vervorming, balans tussen hoge, midden en lage tonen. De RA280 brengt muziek met een vanzelfsprekendheid en een vertrouwen dat technisch luisteren lastig is. Je verdwijnt telkens weer in de muziek zelf.

Van groot en kamervullend naar het tegenovergestelde. Mezzo sopraan Lea Desandre en luitspeler Thomas Dunford brengen klassieke liefdesliedjes op hun album “Idylle”. Je moet er van houden, maar als het je grijpt dan is dat bij de strot. Al is de luit zachtjes ten opzichte van de stem, hij blijft constant mede de aandacht trekken. Bescheiden naar achteren gezet. Lea opent haar gouden keel en weet met een groot dynamisch bereik de luisteraar te betoveren. Juist door het stereobeeld in dit geval klein te houden is de stem levensecht, precies op de juiste maat. Niet te groot zoals vaak het geval is waardoor het hoofd de afmeting van een kleine auto krijgt, ook niet te gering waardoor een mezzo sopraan wordt veranderd in een piepmuis.

Nee, wat hier wordt gebracht doet naar adem happen. Ik prijs mijzelf wederom gelukkig met het opgebouwde systeem en buig diep voor de prestatie van de RA280, zeker in relatie tot zijn aanschafprijs. Toegegeven een prijs van 3.199 euro is nog steeds veel geld, wat u ervoor terugkrijgt is puur plezier om naar te luisteren. Zelfs een fanatiek pleitbezorger als ik voor klasse A, klasse AB en buizenversterkers is onder de indruk van wat deze klasse D versterker durft neer te zetten. Wat een groei heeft de techniek weten te maken in de afgelopen 10 jaar.

Misschien is het juist wel de nieuwe generatie van elektronica ontwikkelaars die met gedurfde ontwerpen uitstijgt boven de pioniers in schakelende versterkertechniek. Je zou haast vergeten dat Desandre en Dunford zo hun best staan te doen. Snel terug naar de muziek waar Lea laat beluisteren dat een klassiek geschoolde stem uitstekend in staat is een chanson van Barbara leven in te blazen. Het “Dis, quand reviendras-tu” verkrijgt een nieuw elan met alleen stem en luit. Vertederend mooi weergegeven met alle gevoel en emotie die de chansons van Barbara waard zijn.

Zijstapje

Omdat ik nog een paar luidsprekers speelklaar heb staan, verhuis ik naar mijn kleine luisterruimte waar Falcon LS3/5A al wacht. Een luidspreker met een impedantie van 15 Ohm en een zeer laag rendement. Qua vermogen hoeft het geen probleem te zijn, zelfs al halveert 250 Watt aan 8 Ohm naar 125 Watt aan 15 Ohm, dan nog is het ruim genoeg. Hoewel de bron net als daarnet een Auralic streamer is met een Metrum DAC, is het magische stereobeeld van de ATC luidsprekers hier niet haalbaar.

Dat moet aan de combinatie liggen, immers mijn buizenversterker en een klasse AB transistor type weten wat beter hoe een LS3/5A kan klinken. Gebleven is de verfijning en de detaillering van de RA280. Goed te horen met Graupner waarin het klavecimbel overeind blijft, de viool verliest wat van zijn glans.

Enya is kleiner, wel blijven tweede stemmen en een koor duidelijk te onderscheiden. Een album als “Fool’s gold” van Jill Barber hamert lekker met een strakke bas, speelt weer wat ruimer, maar helaas is de conclusie dat de RA280 net als heel veel versterkers gevoelig is voor de luidspreker. Speelt mijn kleine transistor klasse AB totaal niet aan mijn ATC’s, de HiFi Rose is geen magische combi met Falcon.

Terug naar de woonkamer waar ATC met liefde de draad weer oppakt. Wie wat ouder is kan zich de glorietijd van de Nederpop vast nog wel herinneren, met onder meer gitarist Jan Akkerman en componist Thijs van Leer. Als de band Focus veroverden ze de podia met hun popklanken. Via een oud album van Akkerman dat live werd opgenomen, waan ik mij weer even in een sporthal met de complete band, oren gevuld met een jankende gitaar en de lange tonen van een Lesley orgel. Nee, het wordt niet zo overweldigend als destijds live, maar de sfeer is onmiskenbaar hetzelfde als ik nu op de bank luister naar wat de ATC’s eruit gooien aangedreven door HiFi Rose.

Of Sting, live in Berlijn met Winton Marsalis spelend “An Englishman in New York”. Nu gaat het niet om een zuiver zingende sopraan, niet om de zuivere klanken van een klavecimbel, het gaat om fun, om levendigheid, om beleving. De RA280 werkt daar prima aan mee en zet zijn beste been naar voren. Luister maar eens hoe het publiek meezingt en hoe sterk de indruk wordt gewekt dat je naar het publiek luistert vanaf het podium. Je hoort en ziet haast wat Sting gezien moet hebben tijdens zijn optreden. Met dank aan het fenomenale stereobeeld.

Vooruit, puur voor eigen genoegen “Private dancer” van Tina Turner, gespeeld samen met gitarist Jeff Beck. Heerlijk dat ruime uitgangsvermogen dat de luidsprekers doet swingen, nooit adem tekort en bovendien in een vorm die zuiver, aansprekend en dynamisch is, waarbij muzikaliteit telkenmale prioritijd heeft boven techniek.

Resumé 

Wie nog altijd een vooroordeel heeft bij klasse D versterkers, krijgt steeds minder argumenten om dat vooroordeel in stand te houden. Zeker als fabrikanten als HiFi Rose gaan zoeken naar een oplossing voor bijvoorbeeld de dead time van schakelende transistoren. Met een in eigen huis ontwikkelde engine en met gebruik van Gallium Nitride FET transistoren heeft HiFi Rose kans gezien een versterker op de markt te brengen die zelfs de meest verstokte klasse A en AB liefhebber kan overtuigen.

Met heel veel plezier is wekenlang geluisterd naar vele soorten muziek, soms intensief en geconcentreerd, soms gewoon naar muziekbehang. Nooit is er op enig moment sprake geweest van luistermoeheid of irritatie.

Dat is ongetwijfeld te danken aan de opzet van de RA280, uitgerust met een zware schakelende voeding, dual mono opzet en de GaN FET transistoren in de uitgang. Aan een lastige luidspreker als een ATC monitor wist de RA280 uitstekend te presteren en zich een indrukwekkende krachtbron te tonen. De soepele werking, de goed instelbare volumeregeling, de handige afstandsbediening en de energiezuinige opzet maken de HiFi Rose RA280 plezierig om mee te werken en veel te gebruiken. Dat is precies hetgeen we hebben gedaan: véél gebruiken, en met genoegen genieten van muziek.

HiFi Rose RA280
3.199 euro | in zilver of zwart | 
ROSE x PIEGA SA via Livet Audio
Beoordeling 4.5 / 5 

MERK





EDITORS' CHOICE